Jouw denken heeft ook iets moois

Maar al te vaak zien we onze gedachten als dé waarheid of denken we dat we onze gedachten zijn. Meer dan 90% van wat je denkt is, als je kijkt naar feiten, niet waar. Dat komt doordat er twee soorten realiteit zijn. De eerste die is gebaseerd op aannames en concepten. Het zijn afspraken die we hebben gemaakt en die we vaak klakkeloos voor waar aannemen. Bijvoorbeeld de verkeersregels: Zo hebben we met elkaar afgesproken dat we bij rood licht stoppen, en dat je bij groen licht door mag rijden. Dat laat ook meteen zien dat deze concepten niet persé fout hoeven te zijn. Zonder deze regels zou er chaos kunnen ontstaan en zou het onveilig kunnen worden. Maar is het nou dáádwerkelijk zo dat je niet door rood licht heen zou kunnen rijden? Naast deze conceptuele werkelijkheid is er ook een realiteit die gebaseerd is op feiten. Als jij wilt weten hoe warm het is in jouw kamer, dan kan je ernaar raden en is het wellicht “koel”, “fris”, “warm” of “aangenaam”. Maar als je het écht wilt weten dan heb je de thermometer te pakken. Tot zo ver is er geen probleem.

Verschil tussen werkelijkheid en fictie

Het probleem ontstaat op het moment dat je de conceptuele werkelijkheid gaat zien alsof het dé feitelijke waarheid is. Het móet zo zijn, het kán niet anders… Zou het kunnen dat je midden in de nacht, op een overzichtelijk kruispunt op een veilige manier door rood heen zou kunnen rijden? Absoluut! Kan je geflitst worden? Ja. Kan je aangehouden worden of een boete krijgen? Zeker. Maar het kán!

Maar al te vaak nemen we onze gedachten klakkeloos aan voor waar. En je hoofd kent het verschil niet tussen werkelijkheid of fictie. Het maakt voor jouw hoofd niet uit of het waar is of niet; je lijf zal er feilloos op reageren. Wanneer iemand tegen jou zegt dat je iets fout hebt gedaan, en jij neemt dat aan voor waar, dan gáát dat ook zo voelen. Maar was het jouw intentie om iets “fout” te doen? Was het jouw intentie om de ander een rotgevoel te geven? Waarschijnlijk niet. Dus hoe waar is dat dan?

Als jij tegen jezelf iedere dag het verhaal blijft vertellen dat je niet van baan kan veranderen omdat je vastzit aan je hypotheek, hoe groot is de kans dan dat je die stap zal gaan nemen? Heel erg klein. En hoe waar is het? Zit er een ketting om je nek met een bord eraan: “Hypotheek”? Waarschijnlijk niet…

Jouw denken

Toch heeft “jouw denken” ook iets moois. Ook jouw denken komt vanuit de allerbeste plek. Het wil niets liever dat het goed met je gaat. Maar dat betekent niet dat het ook het beste voor je hóeft te zijn. Een groot deel van jouw denken is aangeleerd, geconditioneerd en vooral gericht op veiligheid en overleven. Dat deel kiest nog liever voor een route die bekend is en dus een gevoel van (een illusie van!) veiligheid geeft, dan dat het kiest voor een nieuwe, onbekende en dus potentieel onveilige weg. Zelfs wanneer die bekende route eigenlijk niet goed voor je is. Zodra het spannend of ongemakkelijk wordt zegt dat deel: te bedreigend, wegwezen hier! Datzelfde hoofd dat reageert vanuit allerlei angstreflexen, datzelfde hoofd heb je echter ook nodig om de beslissing te kunnen nemen om te blijven. Te blijven op die spannende plek om daadwerkelijk een nieuw pad te kiezen en een verandering door te kunnen maken. Een pad dat daadwerkelijk goed en kloppend voelt voor jou. 

Met nieuwsgierigheid onderzoeken

De eerste stap is om je te realiseren dat jij niet jouw denken bent. Je hoofd is een orgaan. Net als je hart en je longen. Je bént niet je hart, je bént niet je longen. Je bént dus ook niet je gedachten. Je zou kunnen zeggen dat het niet jij is die denkt, maar dat het jouw denken is die deze gedachten heeft. Er is niets mis met jouw denken, totdat je het klakkeloos voor waar aan gaat nemen. Wanneer je er van uit gaat dat al deze gedachten in essentie iets goeds met je voor hebben, maar niet persé dé waarheid hoeven te zijn, dan kan het waardevol zijn om jouw denken uit te nodigen. Je gedachten op een podium te plaatsen en ernaar te kijken. Ze met nieuwsgierigheid te onderzoeken en terwijl je dat doet, af te stemmen op jouw lijf. Wat gebeurt er in jouw lichaam op het moment dat deze gedachte gepresenteerd wordt? Krijg je er energie van, vlinders in je buik, gaat je motor ervan draaien? Dan zou dat wel eens de voor jou juiste route kunnen zijn. Een andere keer voel je aan je lijf een weerzin, alsof je een bord bedorven voedsel voorgeschoteld krijgt; een duidelijke “nee”.

Kiezen voor vertragen

En dan zijn er ook momenten waarop het nog niet zo helder is. Iets in jou voelt dat er iets niet klopt, maar je weet nog niet wat. Of je weet het ergens wel, maar het is nog te spannend; er zijn te veel andere gedachten die twijfels en onrust geven. Die plek kan zo ongemakkelijk voelen dat iets in ons daar zo snel mogelijk vandaan wil en vindt dat we een keuze moeten maken: linksaf óf rechtsaf. In de hoop zo snel mogelijk helderheid te krijgen en je weer beter te gaan voelen. Dát is het moment waarop je je kop nodig hebt om te zeggen: ik blijf. Ik trap op de rem en ik kíes ervoor om niet in een reflex weg te schieten. Ik kíes ervoor om te wachten en te vertragen. Ik kíes ervoor om naar deze gedachten en naar deze gevoelens te blijven kijken, ze te onderzoeken en van daaruit uiteindelijk een meer kloppende stap te nemen. En dan te voelen en te ervaren wat dát met je doet. En als de uitkomst van die beslissing minder fijn blijkt te zijn dan dat je gehoopt of verwacht had; niet erg. Je kijkt, aanschouwt, voelt opnieuw en stuurt weer bij. Steeds weer opnieuw. Jouw hoofd, jouw denken, jouw lijf, jouw gevoel, jouw gezondheid, jouw weg…

 

Vond je dit interessant en wil je hier verder mee aan de slag? Breng jouw hoofd en lijf weer met elkaar in verbinding gedurende de 3-daagse retraite:

3 daagse retraite

 

Geen blog of aanbieding van Juriaan meer missen? Maak stappen en leer jezelf begeleiden door iedere maand de inspirerende blogs van Juriaan te ontvangen.

You may also like